Een dopingvrije Tour de France is volgens velen niet meer mogelijk. Ondanks de klopjacht, lijkt het gebruik niet meer te stoppen. In de eerste talkshow in het themaprogramma Sportief praatte Barbara Barend met sport- en rechtdeskundige Marjan Olfers, dopingexpert Toine Pieters (VUmc), sportarts Edwin Goedhart en topsporter Marianne Vos over de kritische grens van doping.
Op basis van de geformuleerde problemen en aanbevelingen wordt, onder toeziend oog van de adviesraad 'Sport en Kennis' van de gemeente Amsterdam, het charter Sportief opgesteld. Het project wordt afgesloten met de presentatie van dit charter. De vier gasten doen alvast de eerste aanbevelingen.
In drie bijeenkomsten praten telkens vier actuele gasten onder leiding van Barbara Barend over doping, agressie rondom het sportveld en oneerlijke waardering van sportprestaties. De resultaten worden vastgelegd in het charter Sportief, waarin we formuleren hoe het anders kan.
Wil jij op de hoogte blijven? Maak een account aan of update je gegevens op je profielpagina.
Goede vraag: waarom is doping verboden? Is topsport geen topsport meer zonder doping en moeten onze verwachtingen aangepast worden?
Zorg dat je er de volgende keer wel bij bent! Login of registreer en update je profiel, dan houden wij je op de hoogte van soortgelijke events.
Login of registreer
Lees meer over het ideële project Sportief en de duurzame aanpak van onsportief gedrag. Wat is Sportief?
Sander Olsthoorn - 17 februari 2012
Hallo Nathalie,
Allereerst excuses voor mijn zeer late reactie.
Sportverenigingen hebben het best zwaar. Er wordt veel van hen gevraagd qua wetten en regels en voor steeds meer maatschappelijke 'taken' wordt gekeken naar de sportverenigingen. Ook blijken mensen steeds minder makkelijk actief te willen worden als vrijwilliger, terwijl zij wel (als 'klant') eisen stellen aan het niveau en de kwaliteit van de vereniging.
Het idee van een vereniging is nog steeds 'voor- en door- leden'. Daardoor kan een vereniging zelf blijven beslissen, en worden de kosten relatief laag gehouden.
Wat je ziet is dat verenigingen die het goed doen (in kwaliteit of populaire sportsoort) erg veel aanmeldingen krijgen, en dat zij (onder andere om de kwaliteit te borgen) maar een beperkt aantal mensen per leeftijdsgroep aannemen. Soms op basis van inschrijving (wachtlijst), maar soms krijgen inderdaad ouders die zich meer willen inzetten voor de club voorrang.
Wat mag en billijk is bepaald een vereniging dus in grote mate zelf. Zij beslissen zelf over hun aanname-beleid, en kunnen dus ook zelf kiezen voor een 'voorrang-regeling' voor ouders die bereid zijn zich in te spannen voor de club. Verenigingen die te hoge eisen stellen merken dat meestal heel erg snel: het aantal aanmeldingen loopt hard terug, de gemeente grijpt in (er komt veel subsidiegeld vanuit gemeenten naar verenigingen, bijvoorbeeld voor de accommodatie en het onderhoud) of de 'naam' van de vereniging wordt beschadigd. Je zou bijna kunnen zeggen dat er sprake is van marktwerking.
Uiteindelijk bepalen de ouders van jeugdleden dus wat billijk is: weegt de kwaliteit van de vereniging (of de afstand, of de sportsoort, of het feit dat alle vriendjes op die club zitten) op tegen de verlangde tegenprestatie (in geld, inzet of anderszins)? Als het antwoord JA is, zijn de eisen billijk, anders niet.
Groet,
Sander Olsthoorn
M: info@vuconnected.nl
T: (020) 59 89 292
VU Connected is het ideële netwerk van de VU-Vereniging in samenwerking met
